Deel deze pagina

Verzenden

Europees Milieuagentschap berekent de klimaatvoordelen van beter beheer van huishoudelijk afval in Europa

Foto afvalcontainers nieuwsitem klimaatvoordelen beter beheer huishoudelijk afval in Europa
Het Europees Milieuagentschap (EMA) berekende dat een betere verwerking van het huishoudelijk afval in Europa gezorgd heeft voor een aanzienlijke vermindering van de broeikasgasuitstoot: in 2008 werd in de EU 48 miljoen ton CO2-equivalent minder broeikasgassen uitgestoten dan in 1995. De twee belangrijkste factoren die hierin een rol speelden, waren:


• een forse reductie van de methaanemissies van stortplaatsen, voornamelijk onder invloed van de Europese richtlijn stortplaatsen. Deze richtlijn bevat doelstellingen om het storten van biologisch afbreekbaar afval te verminderen. Het totale aandeel gestort huishoudelijk afval in de EU daalde van 68 % in 1995 naar 40 % in 2008.
• een toename van de vermeden broeikasgasemissies van recyclage, inclusief compostering. Door gerecycleerd afval in te zetten als materiaal worden de broeikasgasemissies voor de productie van een equivalente hoeveelheid nieuw materiaal vermeden. Tussen 1995 en 2008 steeg het aandeel gerecycleerd huishoudelijk afval in de EU van 17 % naar 40 %.

Het EMA-rapport kijkt ook vooruit: het invoeren van een volledig stortverbod in de EU zou zorgen voor maar liefst 78 miljoen ton minder broeikasgasemissies in 2020 dan in 2008. Dat komt ongeveer overeen met de totale broeikasgasuitstoot van Hongarije in 2008.

Vlaanderen scoort een heel stuk beter dan het Europees gemiddelde voor verwerking van huishoudelijk afval: in 2009 werd nog maar 3 % van het huishoudelijk afval gestort. Het ging om niet-brandbaar afval dat niet kon gerecycleerd worden. Het grootste deel van het huishoudelijk afval, 72 %, ging naar materiaalrecuperatie. Goed beheer van huishoudelijk afval heeft dan ook in Vlaanderen gezorgd voor minder broeikasgasemissies. Zo heeft een stortverbod voor brandbaar afval in combinatie met de energetische valorisatie van methaanemissies bij bestaande stortplaatsen de methaanemissies op stortplaatsen in Vlaanderen doen teruglopen van 1,6 Mton CO2-eq in 1990 naar minder dan 0,3 Mton CO2-eq in 2010, een reductie met maar liefst 83 %.

Dit moet wel in een breder perspectief geplaatst worden. Ten eerste is 85 % van het afval dat in Vlaanderen geproduceerd wordt bedrijfsafval. Heel wat bedrijfsafvalstromen kunnen op verschillende manieren verwerkt worden, en net zoals bij huishoudelijk afval hangt de (vermeden) broeikasgasuitstoot af van de verwerkingswijze. Voor het klimaatbeleid is het dus van belang om voor elke afvalstroom te weten welke verwerkingsoptie de grootste broeikasgasreductie oplevert. Houtafval bijvoorbeeld mag worden ingezet voor zowel energetische valorisatie (o.a. warmteproductie in stookinstallaties, elektriciteitsproductie in steenkoolcentrales, en warmte- en elektriciteitsproductie in WKK’s) als voor materiaalvalorisatie (o.a. recyclage in de spaanplaatindustrie). In een studie die de K.U.Leuven uitvoerde in opdracht van MIRA en in samenwerking met de OVAM, werd de vermeden CO2-uitstoot voor verschillende opties van energetische valorisatie en recyclage van niet-verontreinigd houtafval vergeleken. Er werd, voor de situatie in 2008, ook nagegaan of de opties met de grootste CO2-reductie het meest ondersteund worden door het beleid.

Een tweede kanttekening is dat de klimaatvoordelen van preventie van huishoudelijk afval niet berekend werden. EMA geeft aan dat zo’n berekening heel complex is, maar dat de broeikasgasuitstoot bij de fabricage van een product meestal wel hoger is dan de klimaatvoordelen van een goede verwerking van dat product in de afvalfase. Afvalpreventie blijft dus nog altijd de grootste prioriteit. En daar kan ook in Vlaanderen nog winst geboekt worden: zowel de hoeveelheid huishoudelijk afval als de hoeveelheid primair bedrijfsafval bleven sinds 2000 immers vrij constant.

o Lees het volledige EMA-rapport
o Lees het MIRA-rapport ‘Inzet van biologisch afval - Gevalstudie niet-verontreinigd houtafval’
o MIRA-indicator Verwerking van huishoudelijk afval
o MIRA-indicator Hoeveelheid huishoudelijk afval
o MIRA-indicator Hoeveelheid bedrijfsafval

o Contactpersoon MIRA: Erika Vander Putten (e.vanderputten@vmm.be)