Deel deze pagina

Verzenden

Bodemafdichting beïnvloedt overstromingsrisico

foto van overstromingBodemafdichting beïnvloedt het overstromingsrisico, naast de landinrichting in de open ruimte, de inrichting van waterlopen, wateropslag in wachtbekkens, de weersomstandigheden, het stijgend zeeniveau, ....

Vlaanderen is één van de dichtbevolkste regio’s in Europa. Dat heeft onder meer geleid tot een grote oppervlakte bebouwing: 26 % van de Vlaamse oppervlakte is bebouwd in 2009, met inbegrip van tuinen. In 1990 was dit nog 21 %. Vandaag is 13 % van de Vlaamse oppervlakte effectief ondoordringbaar voor water. In verstedelijkt gebied is de bodemafdichting nog hoger: tot boven de 30 %.

De afdichting van natuurlijke bodems beïnvloedt de afwatering. Het water kan moeilijker infiltreren en stroomt sneller af. Op die manier kunnen verharde oppervlaktes bijdragen tot wateroverlast maar ook tot verdroging van de bodem. Bovendien versnippert de open ruimte door de aanwezigheid van die verharde oppervlakken. Zo zet zij een bijkomende druk op de biodiversiteit.

In de toekomst zal de bebouwing nog toenemen. Tegen 2030 kan de Vlaamse bevolking aangroeien met 12 %, tot 6,8 miljoen inwoners. Het aantal gezinnen kan nog sneller toenemen met 28 %, door steeds kleinere gezinnen, tot 3,2 miljoen gezinnen. Daar zijn nieuwe huizen voor nodig. Samen met economische groei kan dat leiden tot een toename van de bebouwde ruimte met 17 %, inclusief tuinen. De afgedichte bodem groeit dan aan met 11 %. Om de directe gevolgen van bodemafdichting tegen te gaan, zijn er meerdere oplossingen nodig: compactere bebouwing, waterdoorlatende verhardingen, groendaken, regenwaterinfiltratie, herwaardering grachten, …

Gerelateerde MIRA-indicatoren:
• Bodemafdichting
Bebouwde oppervlakte
Aantal overstromingen per decennium (mondiaal, Europa, België, 1970-2011)
Jaargemiddelde neerslag

Contactpersoon MIRA: Marleen Van Steertegem (m.vansteertegem@vmm.be)