Deel deze pagina

Verzenden

Zware metalen in omgevingslucht

In deze indicator wordt gerapporteerd over de concentraties aan arseen (As), cadmium (Cd), nikkel (Ni) en lood (Pb) in de omgevingslucht. De voornaamste bronnen van zware metalen zijn de (non-)ferro-industrie, het verkeer en de verbranding van fossiele brandstof en afval.

De aanwezigheid van zware metalen in de lucht kan nadelig zijn voor de gezondheid. Zware metalen verspreiden zich via stofdeeltjes in de lucht en kunnen via de neus of mond worden opgenomen in het lichaam. Het al dan niet optreden van gezondheidseffecten hangt af van de opgenomen hoeveelheid en de tijdsduur van de opname.
Arseen kan irritatie van de bovenste luchtwegen en van de huid veroorzaken. Inademing verhoogt het risico op longkanker. Vanaf een As-concentratie in de omgevingslucht boven 0,66 ng/m3 is dit risico gezondheidskundig niet meer verwaarloosbaar. Als men chronisch blootgesteld wordt aan Cd-concentraties boven 10 ng/m3 kan de nierwerking verstoord worden. Bij Cd-concentraties boven 0,6 ng/m3 is het risico op longkanker gezondheidskundig niet meer verwaarloosbaar. Inademing van nikkel kan leiden tot ontsteking van de longen vanaf een concentratie van 90 ng/m3. Het risico op longkanker en kanker van de neusholte is gezondheidskundig niet meer verwaarloosbaar bij Ni-concentraties boven 2,5 ng/m3. Opname van lood kan effecten geven op vlak van cognitie en ontwikkeling van het zenuwstelsel. Anorganisch lood is waarschijnlijk carcinogeen voor mensen.

VMM volgt de concentraties van zware metalen in de lucht vooral op nabij industriezones, maar ook in stedelijke en achtergrondomgevingen. De meeste aandacht gaat naar locaties waar problemen kunnen opduiken. Zo zijn de meetplaatsen in Hoboken, Beerse en Genk gelegen in de buurt van (non-)ferrobedrijven. De gerapporteerde resultaten zijn gebaseerd op metingen van zware metalen in PM10-stof. Voor de rapportering naar Europa is Vlaanderen verdeeld in zones. In elke zone ligt minimaal één meetplaats. Indien meerdere meetplaatsen gesitueerd zijn binnen 1 zone geeft deze indicator de meetplaats weer met de hoogste concentraties. Meetreeksen waarvan de jaargemiddelde concentraties in 2014 lager zijn dan de detectielimiet, worden niet meer voorgesteld.

Uw eigen indicatorrapport
Voeg deze fiche toe aan uw eigen 'Indicatorrapport à la carte' door hierboven aan te klikken.
D P S I R

Verloop

Toestand verbetert

Tussen 2003 en 2014 evolueerden de concentraties aan zware metalen in de lucht op de meeste meetplaatsen gunstig. Er is dus een algemene verbetering van de luchtkwaliteit. De totale emissies in Vlaanderen zijn voor de meeste zware metalen dan ook duidelijk gedaald. De dalende concentraties in de industriële omgevingen zijn het gevolg van emissiereducerende maatregelen maar ook de financieel-economische crisis in 2008 heeft hierin een rol gespeeld.

Gemeten concentraties respecteren overal grenswaarden, enkele lokale overschrijdingen van EU-streefwaarden voor As, Cd en Ni

Algemeen liggen de concentraties van zware metalen in de lucht veel lager in steden en achtergrondgebieden dan in industriële omgevingen.

In 2014 werden zowel de EU-grenswaarde voor Pb (RL 2008/50/EG), die sedert 2005 van kracht is, als de VLAREM II-grenswaarde voor Cd overal in Vlaanderen gerespecteerd.

Voor As, Cd en Ni traden EU-streefwaarden in werking op 31 december 2012 (RL 2004/107/EG). De streefwaarde voor As werd in 2014 nog op 3 meetplaatsen in Hoboken overschreden. Voor Cd werden zowel in Beerse als in Hoboken overschrijdingen genoteerd in 2014. In Genk was er opnieuw een overschrijding van de Ni-streefwaarde op 1 meetplaats. In de voorgaande jaren (2012 en 2013) werd deze waarde gerespecteerd.

De Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) drukt de schadelijkheid van Ni en As uit als het aantal extra kankergevallen bij een levenslange blootstelling aan een bepaalde concentratie. Als de As-concentraties in Hoboken constant zouden blijven op het niveau van 2014, ligt het extra kankerrisico daar tussen 1 op 21 000 en 1 op 81 000 mensen. Het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid (VAZG) omschrijft die niveaus als gezondheidskundig niet verwaarloosbaar, maar wel maatschappelijk aanvaardbaar mits beleidsmatige afweging. Het risico op kanker te wijten aan As ligt lager in Beerse en is verwaarloosbaar in de rest van Vlaanderen. Voor Ni omschrijft het VAZG het risico op alle meetplaatsen als gezondheidskundig niet verwaarloosbaar maar maatschappelijk aanvaardbaar.

Per zone is de meetplaats weergegeven met de hoogste concentratie. Hieruit volgt dat niet alle inwoners van de vermelde gemeentes blootgesteld worden aan de weergegeven concentraties. Via modellering werd geraamd hoeveel inwoners aan concentraties boven de streefwaarden werden blootgesteld. In 2014 werden:
• in Hoboken ongeveer 2 900 inwoners blootgesteld aan te hoge As-concentraties en ongeveer 110 inwoners aan te hoge Cd-concentraties;
• in Beerse ongeveer 60 inwoners blootgesteld aan te hoge Cd-concentraties;
• In Genk ongeveer 170 inwoners blootgesteld aan te hoge Ni-concentraties.

De verontreiniging door Cd situeert zich in een beperkt gebied in de onmiddellijke omgeving van de bedrijven en dit over een korte afstand. Voor As en Ni verspreidde de verontreiniging zich over een groter gebied, zowel ten noorden als ten zuiden van de bedrijven. Het model geeft aan dat woonzones die grenzen aan industriezones hiervan duidelijk hinder kunnen ondervinden.

 

DPSI-R (de verstoringsketen)

De verstoringsketen is een veelgebruikt analysekader in de internationale milieurapportering. De keten schematiseert de oorzaken tot en met de gevolgen van de milieuproblemen.

Schakel 1 Driving forces (Maatschappelijke activiteiten) de onderliggende oorzaken van de milieuproblemen (productie, consumptie, transport, recreatie, enz.)
Schakel 2 Pressure (Druk) de directe oorzaken van de verstoringen brongebruik (energie, water, ruimte, grondstoffen) emissies (lozingen naar lucht, water en bodem, afval)
Schakel 3 State (Toestand) de resulterende toestand in lucht, water en bodem
Schakel 4 Impact (Impact) een inschatting van de negatieve gevolgen van de milieukwaliteit voor mens, natuur en economie
Schakel 5 Response (Respons) het (beleids)antwoord op deze verstoringen

Indicators



DPSIR-chain

The DPSI-R chain is a frequently used analysis framework in international environmental reporting. The DPSI-R chain outlines the causes to the impacts of environmental problems.

Link 1 Driving forces the underlying causes of environmental problems (production, consumption, transportation, recreation, etc.)
Link 2 Pressure the direct causes of the disturbances from resource use (energy, water, space, materials) and emissions (discharges to air, water and soil, waste)
Link 3 State the resulting state in air, water and soil
Link 4 Impact an estimate of the negative effects of the environmental quality for man, nature and economy
Link 5 Response the (policy) response to these disturbances

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Terug naar overzicht