Deel deze pagina

Verzenden

Aantal ozonoverschrijdingsdagen (NET60ppb-max8u)

Deze indicator toont het aantal ozonoverschrijdingsdagen in Vlaanderen. Dit is het aantal dagen per kalenderjaar waarop de hoogste 8-uurgemiddelde ozonconcentratie hoger is dan 120 μg/m³. In de indicator wordt het tijdsverloop van de ozonoverschrijdingsdagen weergegeven en de ruimtelijke spreiding ervan in Vlaanderen.

 

Ozon is schadelijk voor mensen, planten en materialen. Door zijn sterk oxiderend vermogen kan ozon acute gezondheidseffecten veroorzaken zoals ademhalingsproblemen, (tijdelijke) longfunctievermindering of ontstekingsreacties in de longen. Herhaalde en langdurige blootstelling aan hoge ozonconcentraties kan leiden tot onherstelbare longschade. Ozon speelt ook een rol in de klimaatverandering, als kortlevend broeikasgas. Ozon wordt momenteel beschouwd als het derde belangrijkste broeikasgas, na antropogene koolstofdioxide (CO2) en methaan (CH4).

 

De Europese Richtlijn betreffende de luchtkwaliteit en schonere lucht voor Europa (2008/50/EG) bevat doelstellingen voor de bescherming van de volksgezondheid. Het aantal dagen wordt geëvalueerd waarop de hoogste 8-uurgemiddelde ozonconcentratie van de dag 120  μg/m³ overschrijdt, dit wordt uitgedrukt als NET60ppb-max8u. De Europese Richtlijn legt daarnaast ook een  drempelwaarde (180 µg/m3) op waarbij men de bevolking moet informeren en een alarmdrempelwaarde (240 µg/m3).

Eind 2013 deed de Europese Commissie een mededeling over het programma ‘Schone lucht voor Europa’ (COM(2013)918). Uit de toetsing van het luchtkwaliteitsbeleid is gebleken dat het niet aangewezen is de richtlijn inzake luchtkwaliteit te wijzigen, maar dat ernaar dient gestreefd dat de bestaande normen voor luchtkwaliteit uiterlijk in 2020 worden nageleefd.

Uw eigen indicatorrapport
Voeg deze fiche toe aan uw eigen 'Indicatorrapport à la carte' door hierboven aan te klikken.
D P S I R

Figuren

Het jaarlijkse maximum aantal dagen waarop het maximale 8-uurgemiddelde de 120 µg/m³ overschrijdt, is bepaald door per jaar een interpolatie te maken van het aantal overschrijdingsdagen per 4x4 km gridcel over gans Vlaanderen. De hoogste geïnterpoleerde waarde in Vlaanderen wordt dan weerhouden.

Bron: VMM/IRCEL (www.milieurapport.be)
Cijfers in Excel.
Maak link naar deze figuur
Open grafiek in nieuw venster

Verloop

Gematigde ozonverontreiniging in 2015

In Vlaanderen meet VMM ozonconcentraties in 19 meetstations. De gerapporteerde ozonconcentraties in de tijdsreeksen (linkerfiguur) zijn het resultaat van een ruimtelijke interpolatie (via het RIO-model) van de gemeten ozonconcentraties in België.

 

Het aantal overschrijdingsdagen schommelt van jaar tot jaar en volgt vooral de jaarlijkse variatie in zonnestraling en temperatuur. De kwaliteit van de zomer heeft een belangrijke impact op het aantal overschrijdingsdagen. Het aantal uurgraden is een indicatie hiervan, dit is het aantal uren en het aantal graden waarmee de temperatuur boven een drempelwaarde uitstijgt (bv. AOT25°C = aantal uren x aantal graden boven 25°C). 2015 telde 581 uurgraden, wat veel is vergeleken met de voorbije 45 jaar.

De ozonverontreiniging was gematigd in 2015 met maximum 21 overschrijdingsdagen. Deze waarde lag hoger dan in de 3 voorgaande jaren (met respectievelijk 11, 15 en 12 dagen). Het meest ongunstige ozonjaar sinds 1990 blijft 2003 met 46 overschrijdingsdagen. Ook in 1990, 1995 en 2006 was er beduidend veel ozonvervuiling.

 

Om het effect van de schommelingen door wisselende meteorologische omstandigheden wat af te vlakken en zo een betere invloed van het reductiebeleid te onderkennen, definieert de Europese Richtlijn 2008/50/EG als streefwaarde dat  vanaf 2010 het hoogste 8-uurgemiddelde van een dag maximaal 25 dagen per kalenderjaar hoger mag zijn dan 120 µg/m3, uitgemiddeld over 3 jaar. Het MINA-plan 4 (2011-2015) neemt de Europese doelstelling over voor 2015. In 2015 bedroeg het hoogste 3-jaargemiddelde (over 2013, 2014 en 2015) 15 overschrijdingsdagen. Dit ligt in de lijn van de waarden van de afgelopen zeven jaar en ligt ruim onder de streefwaarde van 25 dagen.  Dit is te danken aan gunstige meteorologische omstandigheden over meerdere jaren heen in combinatie met emissiereducties van ozonprecursoren.

 

 

 

 

Ozonconcentraties het laagst in West-Vlaanderen

 

De kaart (rechterfiguur) toont de ruimtelijke spreiding van het aantal overschrijdingsdagen van het dagelijks maximale 8-uursgemiddelde in Vlaanderen in 2015 gemodelleerd met RIO-IFDM. Gemiddeld over Vlaanderen waren er 12 overschrijdingsdagen. Er is een duidelijke west-oost gradiënt zichtbaar, in Limburg kwam het hoogste aantal overschrijdingsdagen voor (21).

 

Langetermijndoelstellingen nergens in Vlaanderen gehaald 

Als langetermijndoelstelling stelt de Europese richtlijn dat de hoogste 8-uurgemiddelden op geen enkele dag 120 µg/m3 mogen overschrijden. Deze doelstelling werd in 2015 op geen enkele meetplaats in Vlaanderen bereikt. De advieswaarde van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) legt de concentratiegrens lager, namelijk op  100 µg/m3, gebaseerd op onderzoeken van de gezondheidseffecten van ozonconcentraties lager dan 120 µg/m3. In Vlaanderen werd de WGO-advieswaarde tussen 14 en 50 dagen overschreden. De langetermijndoelstelling van de WGO werd bijgevolg eveneens nergens gehaald.

 

Om de doelstellingen overal en blijvend te behalen moeten alle Europese landen duurzame maatregelen nemen om de emissies van ozonprecursoren (NMVOS, NOx) verder te verminderen. Vooral de verdere reductie van NOx-emissies vereist nog bijkomende inspanningen.

 

Algemeen is een emissiedaling van alle ozonprecursoren (ook methaan) in de noordelijke hemisfeer noodzakelijk. Het verminderen van de impact van ozon op de volksgezondheid en op vegetatie is als prioritair aangeduid in de langetermijnstrategie van de LRTAP Conventie (Convention on Long-range Transboundary Air Pollution)  van de UNECE (United Nations Economic Commission for Europe), die doorvertaald werd in het herziene Gotheburg Protocol.

 

DPSI-R (de verstoringsketen)

De verstoringsketen is een veelgebruikt analysekader in de internationale milieurapportering. De keten schematiseert de oorzaken tot en met de gevolgen van de milieuproblemen.

Schakel 1 Driving forces (Maatschappelijke activiteiten) de onderliggende oorzaken van de milieuproblemen (productie, consumptie, transport, recreatie, enz.)
Schakel 2 Pressure (Druk) de directe oorzaken van de verstoringen brongebruik (energie, water, ruimte, grondstoffen) emissies (lozingen naar lucht, water en bodem, afval)
Schakel 3 State (Toestand) de resulterende toestand in lucht, water en bodem
Schakel 4 Impact (Impact) een inschatting van de negatieve gevolgen van de milieukwaliteit voor mens, natuur en economie
Schakel 5 Response (Respons) het (beleids)antwoord op deze verstoringen

Indicators



DPSIR-chain

The DPSI-R chain is a frequently used analysis framework in international environmental reporting. The DPSI-R chain outlines the causes to the impacts of environmental problems.

Link 1 Driving forces the underlying causes of environmental problems (production, consumption, transportation, recreation, etc.)
Link 2 Pressure the direct causes of the disturbances from resource use (energy, water, space, materials) and emissions (discharges to air, water and soil, waste)
Link 3 State the resulting state in air, water and soil
Link 4 Impact an estimate of the negative effects of the environmental quality for man, nature and economy
Link 5 Response the (policy) response to these disturbances

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Terug naar overzicht