Deel deze pagina

Verzenden

Hydromorfologische kwaliteit van waterlopen

De ecologische toestand van oppervlaktewateren wordt niet enkel bepaald door de biologische en fysisch-chemische kwaliteit. Een derde belangrijke factor is de hydromorfologie die aspecten omvat zoals stromingspatroon, meandering en oeverstructuur. Een waterlichaam met een natuurlijke hydromorfologie biedt een grote variatie aan biotopen en dus meer mogelijkheden voor biodiversiteit. Bovendien verhoogt een goede hydromorfologie het zelfzuiverend vermogen en dus ook de waterkwaliteit.

Per waterlichaam krijgen het profiel, de bedding, de oever, de stroming, de laterale continuïteit, de longitudinale continuïteit en de alluviale processen een waardering en op basis van die waarderingen wordt een einduitspraak gedaan. De aanwezigheid van barrières (bv. stuwen) bepalen de longitudinale continuïteit. De laterale continuïteit betreft de relatie tussen een waterloop en zijn vallei en geeft aan in welke mate de uitwisseling van soorten, sedimenten en stoffen nog mogelijk is. Onder alluviale processen vallen belangrijke kenmerken zoals de sinuositeit (mate van meandering) en het landgebruik binnen de meandergordel.

De hier gepresenteerde gegevens slaan enkel op de waterlichamen van de categorie rivieren, daaronder vallen bijvoorbeeld grote en kleine rivieren, grote en kleine beken en polderwaterlopen. De gegevens werden verzameld in de periode 2000-2013.

 

Uw eigen indicatorrapport
Voeg deze fiche toe aan uw eigen 'Indicatorrapport à la carte' door hierboven aan te klikken.
D P S I R

Verloop

Het merendeel van de waterlichamen heeft een matige of ontoereikende hydromorfologische kwaliteit

Het merendeel van de waterlichamen kreeg een matige of ontoereikende score voor hydromorfologie. Iets meer dan 10 % van de waterlichamen heeft een goede hydromorfologische kwaliteit. Het percentage waterlichamen met een zeer goede of slechte kwaliteit is bijzonder klein. De Vlaamse waterlichamen (grotere rivieren en kanalen zoals IJzer, Demer, Albertkanaal) scoren over het algemeen minder goed dan de lokale waterlichamen van 1e orde (wat kleinere waterlopen).

De deelaspecten m.b.t. bedding, profiel en alluviale processen scoren het vaakst ontoereikend of slecht. Voor de deelaspecten oever, longitudinale en laterale continuïteit daarentegen haalt telkens meer dan de helft van de waterlichamen een score goed of zeer goed. 

Een slechte of ontoereikende hydromorfologische kwaliteit wijst meestal op grootschalige rechttrekkingen in het verleden. Een matige kwaliteit wijst eerder op kleinere ingrepen zoals oeververdediging en intensieve ruimingen.

Grootschalige herkalibratiewerken uit het verleden resulteren in slechte scores voor profiel, bedding en alluviale processen. Lage waarden voor de breedte-diepteverhouding van het profiel en een geringe breedtevariatie wijzen op uniformiseringswerken, uitdiepingen en indijkingen ten behoeve van de scheepvaart en het verhogen van de afvoerende capaciteit. Om die reden werden veel meanderende waterlopen ook rechtgetrokken.

De combinatie van rechttrekkingen en verstuwing van waterlopen zorgde voor een afname van de stromingsvariatie (deelscore stroming) en de daarmee gepaard gaande variatie in dieptes en ondieptes (stroomkuilenpatroon) en bodemsubstraat. Het leefgebied van veel typisch stroomminnende soorten werd hierdoor aangetast.

Oeververdediging (deelscore oever) belemmert niet enkel de natuurlijke meandering en andere oevervormende processen, maar verhindert ook de opbouw van een natuurlijke gradiënt van water- tot terrestrische planten. Het ontbreken van water- of overhangende vegetatie heeft ook nadelige effecten op de visfauna die deze gebruiken om zich te verschuilen, hun eieren af te zetten of er schaduw te vinden. Door overbodige harde oeververdedigingen weg te nemen en door natuurtechnische milieubouw toe te passen bij nieuw aan te leggen oeververstevigingen, kan de natuurwaarde van de oevers verhogen en het landschappelijk-esthetisch aspect versterken.

In een groot aantal waterlopen is de natuurlijke dynamiek weggevallen of wordt een intensief onderhoud gevoerd. Hoewel dood hout, sedimentbanken en waterplanten (deelscore bedding) bijdragen aan de structuurkwaliteit van de waterloop, moeten ze regelmatig geruimd worden omwille van het intensieve landgebruik in de vallei.

Het gehele waterlopennetwerk is sterk versnipperd. Door de aanwezigheid van barrières, zoals stuwen en watermolens, wordt de migratie van vissen en andere organismen belemmerd. Deze verschillende constructies zorgen immers vaak voor een verval, een te hoge stroomsnelheid of een te ondiepe waterlaag. Daarnaast bevat de deelscore longitudinale connectiviteit ook migratieknelpunten voor terrestrische soorten (oeveronderbrekingen, overwelvingen …). Slechts een minderheid van de waterlopen is volledig vrij van migratieknelpunten. Het wegwerken van de resterende knelpunten, in samenhang met het ecologisch herstel van waterlopen en valleigebieden, kan als prioritair beschouwd worden.

Door de natuurlijke overstromingsfrequentie van de vallei terug te schroeven, werd een intensiever landgebruik mogelijk (bewoning, industrie, landbouw). Dit beperkt de toekomstige ontwikkelingsmogelijkheden van de waterloop (deelscore alluviale processen) en de mogelijkheden tot natuurlijke waterberging. De verbroken relatie tussen de waterloop en zijn vallei bemoeilijkt de uitwisseling van soorten, sedimenten en stoffen tussen waterloop en zijn alluviale vlakte (deelscore laterale connectiviteit).

DPSI-R (de verstoringsketen)

De verstoringsketen is een veelgebruikt analysekader in de internationale milieurapportering. De keten schematiseert de oorzaken tot en met de gevolgen van de milieuproblemen.

Schakel 1 Driving forces (Maatschappelijke activiteiten) de onderliggende oorzaken van de milieuproblemen (productie, consumptie, transport, recreatie, enz.)
Schakel 2 Pressure (Druk) de directe oorzaken van de verstoringen brongebruik (energie, water, ruimte, grondstoffen) emissies (lozingen naar lucht, water en bodem, afval)
Schakel 3 State (Toestand) de resulterende toestand in lucht, water en bodem
Schakel 4 Impact (Impact) een inschatting van de negatieve gevolgen van de milieukwaliteit voor mens, natuur en economie
Schakel 5 Response (Respons) het (beleids)antwoord op deze verstoringen

Indicators



DPSIR-chain

The DPSI-R chain is a frequently used analysis framework in international environmental reporting. The DPSI-R chain outlines the causes to the impacts of environmental problems.

Link 1 Driving forces the underlying causes of environmental problems (production, consumption, transportation, recreation, etc.)
Link 2 Pressure the direct causes of the disturbances from resource use (energy, water, space, materials) and emissions (discharges to air, water and soil, waste)
Link 3 State the resulting state in air, water and soil
Link 4 Impact an estimate of the negative effects of the environmental quality for man, nature and economy
Link 5 Response the (policy) response to these disturbances

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Terug naar overzicht