Deel deze pagina

Verzenden

Zuurstof en nutriënten in het oppervlaktewater

Voldoende opgeloste zuurstof (O2) in het water is een belangrijke voorwaarde voor een divers ecosysteem. Te veel nitraat (NO3) en/of fosfaat (PO4) in het oppervlaktewater kan leiden tot overmatige algenbloei waardoor bijvoorbeeld de zichtbaarheid sterk afneemt.

De eerste set van drie figuren geeft de evolutie van de gemiddelde concentratie en het percentage van de meetplaatsen dat voldoet aan de typespecifieke normen voor zuurstof, nitraat en fosfaat in oppervlaktewater. Deze figuren zijn gebaseerd op de resultaten van de operationele meetplaatsen gelegen in Vlaamse waterlichamen. De Vlaamse waterlichamen zijn de grotere oppervlaktewateren, nl. die met een afstroomgebied van meer dan 50 km², en waarover gerapporteerd wordt aan de Europese Commissie. Bij de beoordeling van de resultaten worden voor alle parameters steeds dezelfde meetplaatsen vergeleken voor alle jaren.

De laatste figuur geeft de resultaten van een statistische trendanalyse per meetplaats. Daarbij wordt voor alle meetplaatsen eerst nagegaan of er een significante trend is (betrouwbaarheid 95%) en als dat het geval is, wordt ook de grootte van de trend bepaald. Vervolgens worden de meetpunten verdeeld in klassen op basis van de relatieve grootte van de trend. In tegenstelling tot de vorige jaren zijn deze trendanalyses ook beperkt tot de operationele meetplaatsen.

Uw eigen indicatorrapport
Voeg deze fiche toe aan uw eigen 'Indicatorrapport à la carte' door hierboven aan te klikken.
D P S I R

Verloop

 Geleidelijke verbetering, maar...

Over de hele periode 1990-2015 bekeken, vertonen de gemiddelde concentraties zuurstof en fosfaat een opmerkelijke verbetering. Hetzelfde geldt voor het percentage van de meetplaatsen dat aan de norm voldoet. De verbetering voor nitraat heeft zich wat later ingezet, maar is sinds het eind van de jaren 90 duidelijk. Die positieve evolutie is te danken aan de daling van de belasting van het oppervlaktewater. Sinds 2010 is, vooral voor zuurstof en fosfaat, de snelheid waarmee de verbetering van de waterkwaliteit zich voltrekt, echter aanzienlijk afgenomen. Voor fosfaat is er de laatste jaren nog amper sprake van verbetering.

Fosfor blijft een grote uitdaging

Het MINA-plan 4 stelt als plandoelstellingen voor 2015 voorop dat 79 % van de oppervlaktewaterlichamen moet voldoen aan de norm voor opgeloste zuurstof en 27 % voor stikstof totaal. In 2015 voldeed 63 % van de operationele meetplaatsen op de Vlaamse waterlichamen aan de norm voor zuurstof en 35 % voldeed aan de norm voor stikstof totaal. Voor fosfaat en voor fosfor totaal is de situatie nog problematischer: in 2015 voldeed 24 % van de meetplaatsen aan de norm voor fosfaat en 8 % voor fosfor totaal.

De resultaten van de statistische analyse per meetplaats over de periode 2006-2015 geven aan dat de nitraatconcentraties op meer dan de helft van de operationele meetplaatsen significant verbeterden. Voor opgeloste zuurstof en fosfaat ligt dat percentage rond 40 %. Een aanzienlijk deel van de meetplaatsen vertoont echter geen trend en een minderheid vertoont zelfs een achteruitgang. De geleidelijke verbetering van de gemiddelde concentraties is hiervan het nettoresultaat maar de situatie verbetert dus zeker niet overal en in dezelfde mate.

Om de waterkwaliteit verder te verbeteren is het nodig de openbare waterzuivering verder uit te breiden en te verbeteren. Daarnaast is er vooral nog een reductie van de verliezen vanuit de landbouw nodig. Daarbij verdient de fosforproblematiek bijzondere aandacht.

 

 

DPSI-R (de verstoringsketen)

De verstoringsketen is een veelgebruikt analysekader in de internationale milieurapportering. De keten schematiseert de oorzaken tot en met de gevolgen van de milieuproblemen.

Schakel 1 Driving forces (Maatschappelijke activiteiten) de onderliggende oorzaken van de milieuproblemen (productie, consumptie, transport, recreatie, enz.)
Schakel 2 Pressure (Druk) de directe oorzaken van de verstoringen brongebruik (energie, water, ruimte, grondstoffen) emissies (lozingen naar lucht, water en bodem, afval)
Schakel 3 State (Toestand) de resulterende toestand in lucht, water en bodem
Schakel 4 Impact (Impact) een inschatting van de negatieve gevolgen van de milieukwaliteit voor mens, natuur en economie
Schakel 5 Response (Respons) het (beleids)antwoord op deze verstoringen

Indicators



DPSIR-chain

The DPSI-R chain is a frequently used analysis framework in international environmental reporting. The DPSI-R chain outlines the causes to the impacts of environmental problems.

Link 1 Driving forces the underlying causes of environmental problems (production, consumption, transportation, recreation, etc.)
Link 2 Pressure the direct causes of the disturbances from resource use (energy, water, space, materials) and emissions (discharges to air, water and soil, waste)
Link 3 State the resulting state in air, water and soil
Link 4 Impact an estimate of the negative effects of the environmental quality for man, nature and economy
Link 5 Response the (policy) response to these disturbances

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Terug naar overzicht