Deel deze pagina

Verzenden

Verloren gezonde levensjaren (DALY's) door blootstelling aan fijn stof

Blootstelling aan fijn stof (PM2,5 en PM10) in de lucht heeft een negatieve invloed op de gezondheid. Er kunnen effecten optreden op de luchtwegen en op het cardiovasculair systeem, die leiden tot ziekte en vroegtijdige sterfte. Als indicator om de gezondheidsimpact van de blootstelling aan fijn stof te beschrijven kan men de DALY gebruiken. De DALY staat voor Disability Adjusted Life Year of potentieel verloren gezond levensjaar. Het is een maat gebruikt door de WereldGezondheidsOrganisatie (WGO) om de ziektelast van een populatie wereldwijd te vergelijken. Verschillende effecten van fijn stof (en andere polluenten) drukt men uit in eenzelfde eenheid, waarbij men rekening houdt met de ernst van het effect. Men maakt een onderscheid tussen korte- en langetermijneffecten. Bij de kortetermijneffecten van fijn stof horen bv. hospitalisaties door hartproblemen of gebruik van bronchodilatoren. Vroegtijdige sterfte en chronische bronchitis zijn langetermijneffecten van fijn stof. Bij de interpretatie van de data dient men er rekening mee te houden dat de onzekerheid op de schatting van de DALY’s relatief groot is. De indicator dient dan ook eerder relatief gebruikt te worden om verschillende situaties te vergelijken, bv. om evoluties in de tijd te evalueren.
Uw eigen indicatorrapport
Voeg deze fiche toe aan uw eigen 'Indicatorrapport à la carte' door hierboven aan te klikken.
D P S I R

Figuren

Reeksen gewijzigd door aanpassing methodologie.

Bron: VITO op basis van VMM, IRCEL, SVR (www.milieurapport.be)
Cijfers in Excel.
Maak link naar deze figuur
Open grafiek in nieuw venster

Verloop

Doelen voor uitstoot van PM2,5 in opmaak

In Vlaanderen streeft het Pact2020 naar een significante daling van het aantal verloren gezonde levensjaren door blootstelling aan verschillende milieupolluenten, waaronder fijn stof, tegen het jaar 2020. Het MINA-plan 4 onderschrijft dit doel. Op Europees niveau stelde de Europese Commissie (EC) in december 2013 een ‘Clean Air Policy Package’ (CAP) op om de impact van luchtvervuiling op mens en milieu te reduceren. Daarbij schoof de EC voor 2020 en 2030 per land doelen naar voor om de emissies van PM2,5 te reduceren. In juni 2016 was er echter nog steeds geen akkoord over de herziening van de NEC-richtlijn (National Emission Ceilings), die definitieve doelen zal bevatten voor fijn stof.

Gezondheidsimpact van fijn stof dalend maar nog steeds aanzienlijk

De berekening van de gezondheidsimpact in termen van DALY’s is gebaseerd op de CAFE-methodologie, ontwikkeld voor de Europese Commissie. De eerste figuur geeft de evolutie weer in Vlaanderen van de gezondheidsimpact door blootstelling aan PM2,5 en PM10. De impact daalde in de periode 2005-2015, ondanks de stijgende bevolkingscijfers. Deze daling is statistisch significant. In 2015 was de impact 30 % lager dan in 2005. Na een initiële daling stabiliseerde de impact van fijn stof in de periode 2008-2011, om daarna opnieuw te dalen.
Zowel binnenlandse als buitenlandse emissies beïnvloeden de concentratie en zo de impact van fijn stof in Vlaanderen. De gestage daling van de impact is vooral te danken aan een doorgedreven Europees beleid, dat zowel de emissies in het binnenland als in de ons omringende landen reduceert. Ook de meteorologische condities spelen een rol in de concentratie en dus de impact van fijn stof.

Naast de totale impact van fijn stof (PM2,5 en PM10), toont de figuur ook de afzonderlijke impact door enerzijds langetermijnblootstelling en anderzijds kortetermijnblootstelling, en dit voor zowel PM2,5 als PM10. Het is duidelijk dat langetermijnblootstelling aan PM2,5 een zeer groot aandeel heeft in de gezondheidsimpact van fijn stof. De langetermijnblootstelling aan PM2,5 resulteert in vroegtijdige sterfte en verklaarde 88 % van die gezondheidsimpact in 2015. De impact door langetermijnblootstelling aan PM10 (o.a. chronische bronchitis) maakte 10 % uit in 2015, de impact door kortetermijnblootstelling aan PM10 (bv. gebruik bronchodilatoren) maakte 1 % uit en de impact door kortetermijnblootstelling aan PM2,5 (bv. dagen met verminderde activiteit) minder dan 1 %. De meest recente WGO-studie in dit verband (2013) bevestigt de grootte van het effect van PM2,5 op vroegtijdige sterfte per eenheid blootstelling die in eerdere studies afgeleid werd.

Gezond leven vermindert met gemiddeld 9 maanden door fijn stof

De eerste figuur geeft de totale impact voor heel Vlaanderen weer, waarbij dus rekening gehouden wordt met de stijgende Vlaamse bevolking. De tweede figuur toont de gezondheidsimpact van fijn stof per 10 000 inwoners. Het verloop van beide is gelijkaardig. Volgens de tweede figuur gingen in 2015 door de impact van fijn stof potentieel 94 gezonde levensjaren verloren per 10 000 inwoners of ongeveer 1 gezond levensjaar per 100 inwoners. Indien men dit vertaalt naar de impact over de volledige levensduur van de Vlamingen (gemiddeld 82 jaar), dan betekent dit dat elke inwoner in Vlaanderen bij levenslange blootstelling aan de huidige verontreinigingsniveaus gemiddeld 9 maanden (= 0,77 DALY’s) minder lang gezond blijft door blootstelling aan fijn stof.

Bij de interpretatie van de resultaten moet men er rekening mee houden dat de onzekerheid op de schatting van de DALY’s relatief groot blijft. Dit is te wijten aan de onzekerheid op de concentratie-respons relaties afgeleid in epidemiologische analyses. Meer studies die de relatie tussen de afnemende concentratie door genomen maatregelen en de geobserveerde reductie van de gezondheidsimpact analyseren en begroten zijn nodig.

Internationaal en regionaal beleid nodig

Fijn stof is veruit de belangrijkste polluent in de gezondheidsimpact door milieufactoren. Het aandeel wordt geschat op 71 % (zie indicator gezondheidseffecten door milieuverstoring’). De impact van fijn stof op de gezondheid kan verminderen door ofwel de concentraties ofwel de blootstelling en dus de gerelateerde dosis te verminderen. Lagere concentraties zijn mogelijk door een internationaal en regionaal beleid van emissiereducties. In het kader van de herziening van de NEC-richtlijn is de Europese emissiereglementering voor middelgrote stookinstallaties ondertussen goedgekeurd (Richtlijn EU2015/2193). Het is belangrijk dat er ook snel goedkeuring komt voor ambitieuze emissiedoelstellingen voor 2020 en 2030, niet enkel voor fijn stof maar ook voor haar precursoren NH3, NOx, SO2 en VOS. Zo kunnen alle EU-landen verdere maatregelen nemen om de emissies van fijn stof en haar precursoren te beperken en de toekomstige concentraties in te dijken. Emissies verminderen kan bv. door het stimuleren van meer milieuvriendelijke wagens, door het verminderen van het aantal gereden kilometers, door de afname van het gebruik van vaste brandstof zoals hout en kolen voor verwarming, door het stimuleren van verwarmingsketels met zuiverdere uitstoot,... Op basis van epidemiologische studies vermoedt men dat sommige bestanddelen van PM2,5 schadelijker zijn dan andere bestanddelen, bv. dieselroet. Sinds 2012 beschouwt de WGO dieselroet als kankerverwekkend (zie link). Men kan de blootstelling aan roet verminderen door bv. het instellen van lage-emissiezones (LEZ), zoals gepland in Antwerpen vanaf 1 februari 2017. Men kan ook zijn persoonlijk gedrag aanpassen: kiezen van alternatieve fietsroute naar het werk langs minder drukke wegen, vermijden van fysieke inspanning tijdens smogperiode, joggen in een groenere omgeving …

Meer info

Meer info over de Vlaamse emissies van fijn stof en haar precursoren kan u vinden bij de volgende indicatoren: Emissie van primair fijn stof en Emissie van precursoren van fijn stof

WHO (2013) Review of evidence on health aspects of air pollution –REVIHAAP Project: final technical report, zie link

DPSI-R (de verstoringsketen)

De verstoringsketen is een veelgebruikt analysekader in de internationale milieurapportering. De keten schematiseert de oorzaken tot en met de gevolgen van de milieuproblemen.

Schakel 1 Driving forces (Maatschappelijke activiteiten) de onderliggende oorzaken van de milieuproblemen (productie, consumptie, transport, recreatie, enz.)
Schakel 2 Pressure (Druk) de directe oorzaken van de verstoringen brongebruik (energie, water, ruimte, grondstoffen) emissies (lozingen naar lucht, water en bodem, afval)
Schakel 3 State (Toestand) de resulterende toestand in lucht, water en bodem
Schakel 4 Impact (Impact) een inschatting van de negatieve gevolgen van de milieukwaliteit voor mens, natuur en economie
Schakel 5 Response (Respons) het (beleids)antwoord op deze verstoringen

Indicators



DPSIR-chain

The DPSI-R chain is a frequently used analysis framework in international environmental reporting. The DPSI-R chain outlines the causes to the impacts of environmental problems.

Link 1 Driving forces the underlying causes of environmental problems (production, consumption, transportation, recreation, etc.)
Link 2 Pressure the direct causes of the disturbances from resource use (energy, water, space, materials) and emissions (discharges to air, water and soil, waste)
Link 3 State the resulting state in air, water and soil
Link 4 Impact an estimate of the negative effects of the environmental quality for man, nature and economy
Link 5 Response the (policy) response to these disturbances

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Terug naar overzicht