Deel deze pagina

Verzenden

Humane biomonitoring - referentiewaarden effect DNA schade

De blootstelling en effecten van schadelijke stoffen bij de bevolking kan ingeschat worden met behulp van biomonitoring. Hierbij wordt de inwendige dosis van een stof in bloed, urine of andere biologische media (blootstellingsmerkers) gemeten waardoor alle bronnen die bijdragen tot deze blootstelling meegenomen worden. Deze inwendige blootstelling kan gekoppeld worden aan vroegtijdige omkeerbare biologische effecten of gezondheidseffecten (effectbiomerkers).

In het kader van het Steunpunt Milieu en Gezondheid werden twee Vlaamse humane biomonitoringsprogramma’s (VHBP) uitgevoerd. In opeenvolgende campagnes werden bij pasgeborenen (navelstrengbloed), adolescenten en volwassenen milieugevaarlijke stoffen gemeten. In het eerste VHBP werd nagegaan of het mogelijk was om verschillen te meten bij bewoners van verschillende gebieden. In het tweede VHBP wil men referentiewaarden voor de algemene bevolking in Vlaanderen bepalen, dit noemt men de referentiebiomonitoring.
De resultaten zijn geen streefwaarden of normen gebaseerd op gezondheidsrisico’s maar kunnen wel een vergelijkingsbasis vormen.

Schade aan het erfelijk materiaal (DNA) bestaat vooral uit tijdelijke omkeerbare schade. Het herstel van deze schade gebeurt niet altijd perfect. Daardoor kunnen wijzigingen in het erfelijk materiaal ontstaan (mutaties). Een veelvoud aan deze mutaties kan ervoor zorgen dat de cel waarin het erfelijk materiaal zich bevindt anders gaat werken. Dit kan leiden tot ongebreideld delen van de cel en kanker. Bepaalde stoffen in de leefomgeving kunnen het DNA beschadigen (bv. tabaksrook, bepaalde pesticiden …) wanneer de mens eraan wordt blootgesteld, deze noemt men genotoxische stoffen. In het tweede VHBP worden twee parameters van DNA-schade onderzocht bij jongeren:

  • breuken in het DNA (via de komeettest van volbloed)
  • oxidatief beschadigd DNA (via komeettest in combinatie met enzymen die inwerken op hersteld DNA) 
  • DNA-herstel (via bepaling van 8-hydroxydeoxyguanosine in urine)

De resultaten zijn geen streefwaarden of normen gebaseerd op gezondheidsrisico’s maar kunnen wel een vergelijkingsbasis vormen bij specifieke blootstellingsituaties. Het referentiegemiddelde geeft de gemiddelde blootstelling weer, de P90 geeft de piekwaarden weer.

Uw eigen indicatorrapport
Voeg deze fiche toe aan uw eigen 'Indicatorrapport à la carte' door hierboven aan te klikken.
D P S I R

Figuren

Vlaamse referentiewaarden DNA-schade

Bron: Steunpunt Milieu en gezondheid (2010)
Cijfers in Excel.


Verloop

De metingen van de DNA-breuken en van de oxidatieve DNA-schade worden uitgedrukt in % DNA migratie en bedraagt respectievelijk 3 % en 2,5 %.
Er werden meer breuken teruggevonden bij jongeren in stedelijke omgeving, maar niet meer oxidatieve schade. Ook in de lente is er meer oxidatieve schade in het DNA terug te vinden. Dit wordt ook teruggevonden in de wetenschappelijke literatuur. Door een wijziging in analysemethode is deze waarde moeilijk te vergelijken met gegevens uit het 1e VHBP. Het is ook onduidelijk wat het effect van de leeftijd is op deze parameter.

Bij jongeren bedraagt het DNA-herstel in deze studie 14,9 g/g creatinine. Dit is gelijkaardig aan de metingen bij volwassenen in het 1e VHBP en lager dan de metingen bij de kleuters (3 jaar) van het vorige VHBP (opvolgstudie astma en allergie). Dit is te verklaren door de intensievere ademhaling en een intensiever metabolisme van jonge kinderen. Ook werden hogere waarden teruggevonden bij meisjes en licht hogere waarden in stedelijke omgeving. 

DPSI-R (de verstoringsketen)

De verstoringsketen is een veelgebruikt analysekader in de internationale milieurapportering. De keten schematiseert de oorzaken tot en met de gevolgen van de milieuproblemen.

Schakel 1 Driving forces (Maatschappelijke activiteiten) de onderliggende oorzaken van de milieuproblemen (productie, consumptie, transport, recreatie, enz.)
Schakel 2 Pressure (Druk) de directe oorzaken van de verstoringen brongebruik (energie, water, ruimte, grondstoffen) emissies (lozingen naar lucht, water en bodem, afval)
Schakel 3 State (Toestand) de resulterende toestand in lucht, water en bodem
Schakel 4 Impact (Impact) een inschatting van de negatieve gevolgen van de milieukwaliteit voor mens, natuur en economie
Schakel 5 Response (Respons) het (beleids)antwoord op deze verstoringen

Indicators



DPSIR-chain

The DPSI-R chain is a frequently used analysis framework in international environmental reporting. The DPSI-R chain outlines the causes to the impacts of environmental problems.

Link 1 Driving forces the underlying causes of environmental problems (production, consumption, transportation, recreation, etc.)
Link 2 Pressure the direct causes of the disturbances from resource use (energy, water, space, materials) and emissions (discharges to air, water and soil, waste)
Link 3 State the resulting state in air, water and soil
Link 4 Impact an estimate of the negative effects of the environmental quality for man, nature and economy
Link 5 Response the (policy) response to these disturbances

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Terug naar overzicht